2016

Even geduld a.u.b.

Geduld hebben: nog zo’n grote uitdaging in mijn leven. Ik denk – ik corrigeer, weet het eigenlijk wel zeker – dat ik er nooit goed in zal worden, laat staan uitblinken. In ongeduldig zijn ben ik daarentegen een ster, een echte kampioen. Ik win op dat gebied met gemak de 100 en 200 meter sprint, op mijn dooie akkertje met twee vingers in mijn neus en keurig binnen de lijntjes. Daar hoef ik bijzonder weinig voor te doen, het is een gave (lees: tekortkoming) zullen we maar zeggen. Misschien wel het grootste talent dat ik bezit.

Schiet op!

Eigenlijk gaat alles in het leven per definitie te langzaam naar mijn mening.

Alles kan sneller, keer honderd het liefst. Althans, alles wat ik zelf doe en wil. Mijn talent voor ongeduldigheid limiteert zich namelijk alleen tot mijn eigen acties. Een kwartier wachten op mijn glas Pinot Grigio in een restaurant of op de dame achter de balie van de bank die zich meer druk lijkt te maken om haar – idioot lange, Judeska-achtige – nepnagels dan het tellen van mijn geld, kan ik dan weer opvallend goed verkroppen voor iemand die het liefst 36 uur in één dag stouwt.

Resultaat telt

De weg ernaartoe is net zo belangrijk als het resultaat, my ass.

Mijn klanten zien mij aankomen met ‘als ik inspiratie heb’ als antwoord op de vraag wanneer ik die nieuwsbrief af heb. En ‘maar wat hebben we het afgelopen jaar toch lekker getraind’ kan toch echt die gouden plak van Churandy niet vervangen. Resultaat, daar gaat het om als je de top wilt bereiken, als topsporter en succesvol ondernemer. Ik zie het liefst direct resultaat van mijn acties. Alles wat ik doe moet dan ook in één keer raak zijn, een snoeihard schot in de kruising. Ik doe niet aan tweede kansen en verlengingen, want – juist, daar istie weer – daar heb ik het geduld niet voor.

Too good to be true

Mijn keuze om alleen nog maar te focussen op communicatie, dan wel teksten schrijven, en voor andere opdrachten die hier geenszins raakvlak mee hebben vriendelijk te bedanken, heeft mijn talent voor ongeduldigheid behoorlijk op de proef gesteld.

Ik deed een stap terug om twee stappen vooruit te kunnen doen, om trouw te blijven aan de motivatie waarmee ik ruim drie jaar geleden naar de KvK reed: ik doe alleen nog maar waar ik zin in heb. En ik heb zin om te schrijven. Ik heb het gehad met aanverwante marketingactiviteiten waar ik alleen maar geld mee binnen hark, maar die mij geen genoegdoening opleveren. Sterker nog, het ging me irriteren, want wat blijkt, ik heb nog een talent (lees: tekortkoming 2): ik functioneer alleen maar vanuit passie en heb een pleurishekel aan iets te moeten doen (‘wie denk jij wel dat je bent gek, ik moet @#$%^&* helemaal niets!’) zonder daar gevoel bij te hebben.

Conclusie: dan maar even iets minder om van te leven, maar wel doen waar ik gelukkig van word, dan volgen de knaken vanzelf. Een mooi idealistisch streven al zeg ik het zelf. Toch? Maar zoals altijd met dit soort too good to be true-credo’s die je om de oren vliegen in slechte B-films, er zit altijd een addertje onder het gras.

En ja hoor, dit keer dus ook. Mister Hollywood had mij er niet bij verteld dat dit script bol staat van frustraties en er een dozijn geduld voor nodig is om een happy ending te realiseren. Ik stond dus – diplomatiek uitgedrukt – voor een uitdaging.

De aanhouder wint

Ik kan slecht dealen met financiële onzekerheid. Ik word er strontchagrijnig en onzeker van als ik niet kan leunen op een paar nullen op mijn bankrekening. De verleiding lag dus op de loer om toch nog even makkelijk geld binnen te tillen met dan maar een minder communicatie-gerichte opdracht. Ik heb het niet gedaan. Ik heb vastgehouden aan mijn missie.

Het heeft heel wat gevloek, getier en ruzie in huis Van der Miessen-Varekamp (sorry nog buren) gekost, maar we zijn er (voorlopig). Het volhouden aan mijn missie betaalt zich letterlijk en figuurlijk terug in te gek gave schrijfopdrachten. Door te focussen en een eenduidige boodschap de wereld in te slingeren, snapt de omgeving wie ik ben, wat ik doe en waarvoor ze mij kunnen bellen. De aanhouder heeft gewonnen en dat voelt goed, heel goed. Ik ben het monster ongeduld te lijf gegaan en ik ben niet gezwicht. Nu volhouden, doorzetten en uitbouwen, ofwel: opnieuw geduld hebben om uiteindelijk de wereld te veroveren.

Mag ik u voorstellen

Hoi, ik ben Patty en ik ben tekstschrijver, aangenaam.

Tot de volgende…

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *